Voor vleeskuikenhouders brengt de komst van de zomer meer dan alleen lange dagen; het brengt de voortdurende uitdaging van hittestress met zich mee. Hoewel we ons vaak concentreren op ventilatie en koelingssystemen om de vleeskuikens fysiek koel te houden, werpt recent onderzoek licht op een meer "verborgen" dreiging binnenin de kip. Hittestress zorgt er namelijk niet alleen voor dat vleeskuikens gaan hijgen, het heeft ook een negatief effect op de darmgezondheid en prestaties. Samen met coccidiose vormen warme maanden een "dubbele dreiging" voor de gezondheid van jouw kuikens en bedrijfsrendabiliteit [3, 6].
De permanente kosten van hittestress
Een van de meest interessante bevindingen uit recente studies is dat de schade veroorzaakt door hittestress vaak permanent is. Onderzoek wijst uit dat wanneer een koppel gedurende slechts één tot twee weken tijdens de groeiperiode aanzienlijke hittestress ervaart, het resulterende verlies in lichaamsgewicht vrijwel onherstelbaar is voor die productiecyclus. Dit gewichtsverlies kan naargelang de leeftijd en de ernst van de hitte zelfs oplopen tot meer dan 15% [1].
Dit fenomeen is te wijten aan wat wetenschappers een biologische "snelheidslimiet" noemen. Hoewel vogels kunnen terugkeren naar een normale groeisnelheid zodra de omgevingstemperatuur daalt naar comfortabele (thermoneutrale) condities, vertonen kuikens onvoldoende "compensatoire groei" om de eerdere verliezen in te halen [1]. Kortom, de kloof die door een hitteperiode ontstaat, blijft bestaan tot aan de slacht. Bovendien verslechtert hittestress de voederconversie (FCR) [1, 2]. Zelfs als de FCR zich normaliseert tijdens de herstelperiode, blijven de opgetelde voerkosten per kilogram vlees verhoogd, omdat kuikens hun herstel begonnen vanaf een lager lichaamsgewicht.
De "dubbele dreiging": Hittestress en coccidiose
De impact van hitte beperkt zich niet alleen tot de groei door een verminderde voeropname; het is eveneens een directe aanval op de darmbarrière van het maagdarmkanaal. Hittestress vermindert de bloedtoevoer naar de darmen (hypoxie), wat leidt tot oxidatieve stress en het losraken van de zogenaamde "tight junctions" tussen darmcellen. Dit creëert een aandoening die bekend staat als "leaky gut" (lekke darm), waarbij de darmbarrière is aangetast en ongewenste bacteriën gemakkelijker de bloedbaan kunnen binnendringen [4, 6].
Wanneer coccidiose bovenop hittestress komt, wordt de situatie kritiek. Coccidiose op zichzelf beschadigt de darmcellen, veroorzaakt villusatrofie en belemmert de opname van cruciale voedingsstoffen zoals eiwitten en vetten [3, 5]. In combinatie met een door hitte veroorzaakte "leaky gut" neemt het risico op bacteriële translocatie en darmaandoeningen aanzienlijk toe. Deze synergie is een primaire trigger voor uitbraken van Necrotiserende Enteritis (NE) [6]. Onderzoek toont aan dat hittestress op zichzelf al NE-uitbraken kan triggeren, maar de combinatie van hitte en een coccidiose-uitdaging verhoogt de ernst van de darmschade en vermindert de prestaties van het koppel nog verder [6].
Fysiologische markers van stress
Dankzij moderne technieken zoals metabolomics kunnen we nu precies zien wat er in het bloed van het kuiken gebeurt tijdens hitte. Acute hittestress (bijv. 8 uur) activeert onmiddellijk het nucleotide-metabolisme om schade te herstellen, terwijl chronische hittestress (5 weken) leidt tot een "catabool proces" [2]. Dit betekent dat het lichaam van de vleeskuikens spiereiwitten begint af te breken om aan energie te komen, wat direct resulteert in een lager gewicht [2]. Bovendien zien we een snelle stijging van corticosteron (het stresshormoon) en oxidatieve schade in het bloed, wat leidt tot een verminderde afweer en dus het kuiken vatbaarder maakt voor secundaire infecties.
De keuze van het juiste ionofoor: Waarom narasin opvalt
Het beheersen van deze risico's vereist naast een klimaatbeheer ook een robuust coccidiose-controleprogramma, maar niet alle middelen zijn even geschikt tijdens de warme maanden. Pluimveehouders gebruiken traditioneel verschillende ionoforen, waaronder monensin, salinomycine en narasin om coccidiose te beheersen. Recente proeven tonen echter duidelijke verschillen tussen deze producten die tijdens warme perioden van nog groter belang zijn.
Zo is reeds aangetoond voor monensin dat deze aanleiding kan geven tot een verminderde drinkwateropname [12, 13]. Dit kan enerzijds leiden tot een lagere voeropname en eindgewicht [11], anderzijds is drinkwateropname cruciaal tijdens warme periodes.
Ook bij salinomycine is een eetlustremmend effect aangetoond. In een Spaanse praktijktest uit 2021 vertoonden vleeskuikens bij gebruik van salinomycine een zichtbaar lagere gemiddelde dagelijkse voeropname (ADFI) vergeleken narasin. Tijdens de afmestfase (dagen 35-42) consumeerde de narasin-groep gemiddeld 8,4 gram meer voer per dag dan de salinomycine-groep. Deze vermindering in opname bij salinomycine leidde tot een significant lager eindgewicht [7].
Het voordeel van narasin in warme periodes
Narasin (de actieve stof in MontebanTM) is om verschillende redenen het "ionofoor bij uitstek" voor warme periodes en klimaten:
- Behoud van voeropname: In tegenstelling tot monensin en salinomycine onderdrukt narasin de eetlust niet [11]. Onder hittestress, waarbij vleeskuikens alreeds een lagere voeropname hebben [1], is het behoud van de voeropname cruciaal voor het rendement.
- Superieure darmintegriteit: Gegevens van HTSi-registraties in de EMEA-regio, die meer dan 100.000 kuikens beslaan, tonen aan dat programma's op basis van narasin een statistisch significante betere coccidiose-beheersing bieden vergeleken met salinomycine [8].
- Beheersing van secundaire enteritis: Narasin heeft van alle ionoforen het hoogste beschermende effect tegen de ontwikkeling van Necrotiserende Enteritis-laesies na een coccidiose-infectie [10].
- Betere overleving: In directe vergelijkingen onder cyclische hittestress vertoonden vleeskuikens bij gebruik van narasin een hogere overleving en een betere FCR tijdens de kritieke afmestfase vergeleken met salinomycine [9].
Conclusie: Een proactieve zomerstrategie
Tijdens warmere perioden loopt u en uw pluimvee tweemaal risico. Tijdens de acute hitteperiode verliest het koppel groei en treedt een verminderde darmgezondheid op, terwijl compensatoire groei nauwelijks plaatsvindt. Daarnaast vormt coccidiose bij darmschade door warmte een extra risico voor kuikengezondheid en bedrijfsrendabiliteit, met name door een verhoogde kans op Necrotiserende Enteritis
Naast optimale klimaatbeheersing is dus een robuust coccidiose-controleprogramma dan ook cruciaal. Door te kiezen voor narasin blijft u als veehouder de "dubbele dreiging" tijdens warmere maanden de baas.
Wilt u meer weten over hittestress? Stuur dan vrijblijvend een mail naar benelux@elancoah.com om de mogelijkheden te bespreken in samenwerking met uw dierenarts.
- Papanikolaou A. et al. (2020). Impact of different heat stress exposure durations at different ages on broiler growth performance, mortality, and physiological recovery. Manuscript provided.
- Papanikolaou A. et al. (2020). Plasma metabolomics reveals distinct responses to acute and chronic heat stress in broilers. Manuscript provided
- Choi, J.; Goo, D.; Sharma, M.K.; et al. (2023). Effects of Different Eimeria Inoculation Doses on Growth Performance, Daily Feed Intake, Gut Health, Gut Microbiota, Foot Pad Dermatitis, and Eimeria Gene Expression in Broilers Raised in Floor Pens for 35 Days. Animals, 13, 2237
- Zhu, Q., Sun, P., Zhang, B., et al. (2021). Progress on Gut Health Maintenance and Antibiotic Alternatives in Broiler Chicken Production. Frontier in Nutrition (8)
- Villas Boas de Freitas, L.F., Sakomura, N.K., de Paula Reis, M., Bonadiman Mariani, A., Lambert, W., Andretta, I., Létourneau-Montminy, M.P. (2023). Coccidiosis infection and growth performance of broilers in experimental trials: insights from a meta-analysis including modulating factors. Poultry Science
- V. Tsiouris, I. Georgopouloua, C. Batzios, et al. (2018). Heat stress as a predisposing factor for necrotic enteritis in broiler chicks. Avian Pathology 47(6), 616–624
- Elanco Data on File
- Elanco Data on File
- Elanco Data on File
- Lanckriet, A., Timbermont, L., De Gussem, M., Marien, M., Vancraeynest, D., Haesebrouck, F., Ducatelle, R., Van Immerseel, F. (2010). The effect of commonly used anticoccidials and antibiotics in a subclinical necrotic enteritis model. Avian Pathology, 39:1, 63-68
- Weppelman, R. et al. 1977. “Comparison of Anticoccidial Efficacy, Resistance and Tolerance of Narasin, Monensin and Lasalocid in Chicken Battery Trials .” Poultry Sci. 56 .5: 1550-59
- Bartov, I. “Effect of Dietary Fat and Protein Levels on Monensin Toxicity in Broiler Chicks.” 1987. Poultry Science. 66(8):1385-1391.
- Ouart, M. “Effect of Coccidiostats on Performance, Water Intake, and Litter Moisture of Broilers.” 1995. Journal of Applied Poultry Research. 4(4):374-378.
Monteban bevat de werkzame stoffen narasin. Het is geïndiceerd als hulpmiddel bij de preventie van coccidiose veroorzaakt door Eimeria acervulina, E. maxima, E. tenella, E. necatrix en E. brunetti. Wettelijke categorie SFA.
Informatie over bijwerkingen, voorzorgsmaatregelen, waarschuwingen en contra-indicaties is te vinden in de productverpakking en bijsluiter; meer informatie is te vinden in de samenvatting van de productkenmerken.
Advies over het gebruik van dit diervoederadditief moet worden ingewonnen bij de leverancier van het diervoederadditief.
HTSi, MontebanTM zijn handelsmerken van Elanco of haar dochterondernemingen.
Elanco Nederland B.V. - Van Deventerlaan 31 - 3525 AG Utrecht
Elanco Belgium BV - Generaal Lemanstraat 55/3 - 2018 Antwerpen
